Haai, dáág! (en weer hallo)

Door Bregje van Wetten

23 februari 2018

HaaientandenGisteren moest ik met Jules naar de tandarts. De lieverd is een late wisselaar en dat hoeft geen probleem te zijn, maar inmiddels groeiden er allemaal grote-mensen-tanden op de tweede rij en de melktandjes wilden er niet vanzelf uit. In december zei de tandarts: ‘je krijgt nog een maand om te wiebelen, als ze er dan niet uit zijn ga ik je een handje helpen’.  Jules lachte wat zenuwachtig op dat moment, en mijn maag kromp ineen.

Ziek van

Want dat is wat er gebeurt als mijn kinderen iets overkomt: ik heb daar onmiddellijk last van. Fysiek. En de gedachte dat de tandarts zijn tandjes moest trekken, maakte me misselijk. Jules had bij de tandarts nooit meer meegemaakt dan een spiegeltje in zijn mond.. Dus spoorde ik hem aan. Elke dag! ‘Flink wiebelen Jules’, zei ik dan. ‘Doe ik ook mam, zei hij, maar voor februari zijn ze er nóóit allemaal uit’. Ik wist dat hij gelijk had.

Ik wachtte tot na mijn verjaardag met bellen naar de tandarts. Maar de dag kwam dat ik móest bellen. En over twee weken konden we (al) terecht. Stiekem had ik gehoopt dat het langer zou duren zodat hij meer tijd had om zelf nog te wiebelen. En gisteren was het zover. Ik had alweer twee dagen buikpijn.

Dappere dodo

Jules zat stil naast me in de auto. ‘Spannend he?’ zei ik. ‘Probeer te bedenken dat je er bijna vanaf bent.’ Ik wist ook niet goed wat te zeggen. Het ging heus niet meevallen en het zou oneerlijk zijn dat als verwachting te scheppen. Maar ik wilde ook niet teveel meegaan in de ellende. Dus probeerde ik zijn aandacht maar af te leiden.

Eenmaal bij de tandarts hield hij zich dapper. Maar liefst acht verdovingsspuiten kwamen er aan te pas, en dat deed natuurlijk zeer. Het is niet alleen een prikje, ook de vloeistof die in je tandvlees geduwd wordt doet lelijk pijn en dat wist ik. Een traantje in de stoel, scheefgetrokken voetjes en een vervormde auwauwauw.. Maar hij liwa tekstet het verder begaan. Pas op het moment dat de verdoving begon te werken zakte ook bij mij de buikpijn. En na het trekken van 5 tanden, wat ongeveer 5 minuten duurde, kon ik oprecht opgelucht ademhalen. Het zat erop. En hij had het super gedaan. Als beloning koos hij voetbalplaatjes (voor de buurjongen, want hij spaart ze niet).

Opgelucht

5 tanden en 5 denkbeeldige kilo’s lichter reden we naar huis. Een beetje lacherig om zijn verdoofde mond en met gaas volgepropte onderlip. Hij had alweer praatjes genoeg, maar ik verstond hem nauwelijks. En in gedachten was ik dankbaar voor het feit dat mijn kindjes zo weinig overkomt.

Tijd om de andere kindjes op te halen bij oma. ‘Hugo heeft flinke koorts’, meldt oma meteen bij binnenkomst, ‘maar ik heb je niet gebeld omdat ik wist dat je bij de tandarts zat’. Onmiddellijk draait mijn maag zich weer om. Een ziek kindje. En ik dus ook. Daar gaan we weer..

Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn

1 reactie

Wilma Harks · 23 februari 2018 op 11:32

zo herkenbaar dat “steen in maag” gevoel, heb er 1 van 24 en nog krijg ik maagpijn 🙂

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *